Kan muziek ‘religie’ zijn?

Stel dat een alien op aarde landt, en terechtkomt op een popcondert (Werchter, graspop, maar het mag ook de Ancienne Belqique of het Sportpaleis zijn), zou hij dan niet de indruk hebben dat hij getuige is van rituelen, een viering. het is gestileerd en er is (al dan niet ingehouden) enthousiasme. Kortom: religie? Eerst een korte analyse, dan een treffende voorbeeld (Laundry Day in the good old times)

Muziek

De oorsprong van ons woord ‘muziek’ ligt in het oude Griekenland: Muziek, is dat wat de ‘muzen’ voortbrengen. Deze wonderlijke wezens, levend en spelend op de berg Parnassus, gegeerd gezelschap van goden en mensen, liggen volgens het aanvoelen van de oude Grieken aan de oorsprong van alle menselijke creativiteit, wetenschap evenzeer als dans. Deze creativiteit biedt tegenwicht tegen de condition humaine. Ze helpt de mens om zichzelf te overstijgen en ‘mens’ te worden, ze wapent de mens tegen de vergankelijkheid.

Het spreekt voor zich dat muziek en religie dus prima samengaan. En dat is eigenlijk bij alle religies te merken. Hoeveel muziek uit onze Westerse cultuur heeft haar wortels niet in de kerk? Haar verheffende kracht, haar geleidende kwaliteit, het heeft haar als vanzelf gemaakt tot hoofdrolspeelster in de kerk. Maar daarmee is de muziek buiten de kerk niet gedoemd om die verheffende kracht niet te hebben. Die is inherent aan alles wat mensen tot stand brengen als zij door de muzen worden geïnspireerd. Zinsneden als ‘de mensen zoeken tegenwoordig in de kunst, of de muziek, wat zij vroeger in de kerk zochten’, of denigrerender: ‘Kunst als Ersatzreligion’ missen opnieuw het punt. Kunstuitingen die werelden openen die niet voorhanden zijn, die aanzetten tot dromen, die de verbeelding prikkelen, zijn op equivalenten van de officiële ‘religie’ als betekenisverlener.

Het onderscheid tussen ‘religieuze muziek’ en ‘profane muziek’ is kunstmatig. De muzikale mens, die Martin Luther was, heeft het kort en bondig samengevat: ‘Alle goede muziek komt van God’ en ‘Waar mensen samen musiceren, heeft de duivel geen kans.’ Dat muziek gecomponeerd binnen de religieuze instituties ook na het wegvallen daarvan nog steeds die transcenderend en funderende kracht heeft, hoeft weinig betoog. We hoeven hier slechts te verwijzen naar de jaarlijkse hype rond de Mattheüspassion van J.S. Bach. Maar het geldt dus evenzeer voor muziek die los staat van enige expliciet religieus insitituut, zowel muziek uit de klassieke burgerlijke cultuur als uit de hedendaagse jeugdcultuur, en niet alleen solipsistisch (via de eigen mp-3 speler), maar ook als groepsbeleving. De betekenis van de zomerse popfestivals is niet te onderschatten. En die houdt niet op noch is ze begonnen bij Tomorrowland

Laundry Day, erkend als ‘religie’?

Heel mooi zichtbaar werd deze ‘seculier religieuze’ component toen In 2012 het techno-muziekfestival Laundry Day uitpakte met een promotiestunt van formaat. Ze diende een aanvraag in bij de Federale Overheid (departement justitie, afdeling erediensten) om als ‘religie’ erkend te worden. Ze voldeed naar eigen zeggen aan alle criteria die de Belgische staat aan religie stelt om erkend te worden. Ze had een significant aantal aanhangers (60.000 claimden ze, het bezoekersaantal van Laundry Day), was al gedurende een lange periode actief op het grondgebied (1998 was de eerste editie). Ze hadden hun eigen rituelen, namelijk de jaarlijkse pelgrimage van alle aanhangers naar Antwerpen in september. Ze hadden zelfs een credo: God is a D-J en ze geloven onvoorwaardelijk in de kracht van muziek en de gelijkwaardigheid van alle mensen.

Het was een publiciteitsstunt – het thema van het festival in 2012 was ‘religie en spiritualiteit’. Alle media namen het bericht over. De spindoctors konden tevreden zijn. Of het erkenningsdossier echt werd ingediend, weet ik niet, in elk geval is het niet opgevolgd. Jammer eigenlijk, want ik had wel eens willen weten hoe dit zou zijn afgelopen. Naar mijn mening maakte dit dossier namelijk een grote kans op ‘erkenning’, omdat het inderdaad bijna voldoet aan de eisen die de wetgever in de loop van de afgelopen twee eeuwen heeft geformuleerd voor een religie om als ‘eredienst’ te worden erkend. Naast de reeds genoemde criteria is er enkel nog de formele verplichting om een ‘representatief orgaan’ op te richten, dat de stem van de achterban kan vertolken in de contacten met de overheid, één van de grootste hobbels trouwens in het parcours van de islam op weg naar erkenning. Mochten de handige jongens en meisjes van Laundry Day zich dit ten doel hebben gesteld, ze zouden dat waarschijnlijk ook in no time hebben geregeld. Belangrijker vind ik echter dit. Ook qua impact en betekenis zijn ze gekwalificeerd om een equivalent van ‘religie’ te kunnen heten. Vraag maar eens aan de bezoekers wat dit festival voor hen betekent. Heel vaak zult u zinnen horen als: ‘Als ik hier ben dan ben ik even helemaal in een andere wereld’, of: ‘de muziek geeft me een enorme kick om hier samen met al die andere helemaal uit mijn dak te gaan’. Dan kan tellen als een ‘transcenderende ervaring’. Ook hoorde ik iemand zeggen: ‘Als ik dat weekend hier heb meegemaakt, kan ik er weer een jaartje tegen’. Als dat geen ‘funderende ervaring’ is!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.